Veelgestelde vragen

Windpark Noordoostpolder

Eind jaren negentig werd de basis voor een windpark gelegd in gemeente Noordoostpolder. De gemeente koos voor het concentreren van nieuwe windturbines langs de dijken van de Noordoostpolder. Ook de provincie maakte beleid om met minder windturbines meer energie op te wekken. Er moest één integraal plan komen. Ongeveer 100 lokale agrariërs (verenigd in de bedrijven NOP Agrowind en Westermeerwind) met plannen voor windenergie en duurzaam energiebedrijf RWE (destijds Essent die al 50 windturbines langs de dijk had staan) mochten dit plan samen uitwerken.

De gemeente Noordoostpolder heeft gekozen voor het concentreren van windturbines op één plek zodat de turbines zo min mogelijk invloed hebben op het landschap. De Noordoostpolder is één van de beste locaties van Nederland, vanwege de ideale windcondities en de langgerekte landschappelijke lijnen waardoor een windpark goed kan worden ingepast in het landschap.

Windpark Noordoostpolder bestaat uit 86 windturbines, waarvan 38 turbines op het land en 48 in het water.

De windturbines in het water hebben een ashoogte van 95 meter. Als de wiek recht boven de mast staat is de hoogte tot het eind van de wiek (tiphoogte) van deze turbines 149 meter.
De windturbines op het land hebben een ashoogte van 135 meter gerekend vanaf het fundament. De tiphoogte van de turbines is 198,5 meter.

Parallel aan de dijken van de Noordoostpolder, te weten de Zuidermeerdijk, de Westermeerdijk en de Noordermeerdijk. Zie kaart (PDF)

De windturbines staan niet voor de kust van Urk. De afstand tussen de dichtstbijzijnde windturbine op het land aan de Westermeerdijk en de rand van de woonbebouwing van Urk is 1,6 kilometer. De windturbines op het land aan de Zuidermeerdijk staan nog iets verder af van de woonbebouwing van Urk. Het zicht vanaf de Ketelbrug op het oude eiland Urk blijft vrij. De windturbines in het water langs de Westermeerdijk staan op een afstand van 3 kilometer of meer vanaf de woonbebouwing van Urk. Zie kaart

Windpark Noordoostpolder levert jaarlijks circa 1,4 miljard kWh schone, duurzame elektriciteit op. Dat is vergelijkbaar met het elektriciteitsverbruik van ruim 400.000 huishoudens. Windpark Noordoostpolder levert daarmee een substantiële bijdrage aan de doelen van het Energieakkoord en is een belangrijke duurzame energiebron voor Nederland.

De windturbines produceren 90-95% van de tijd elektriciteit. Hierbij is al rekening gehouden met stilstand voor onderhoud en met de verschillende windsnelheden.

Het totaal geïnstalleerd vermogen van Windpark Noordoostpolder bedraagt 429 MW (MegaWatt).

Op land staan Enercon turbines, type E-126 (7,5 MW). In het water zijn het Siemens turbines, type 3.0DD-108 (3 MW).

Vanwege de omvang van Windpark Noordoostpolder vallen de ruimtelijke besluitvorming en de vergunningen onder een speciale procedure: de Rijkscoördinatieregeling. De regeling houdt in dat de rijksoverheid de besluitvorming coördineert.

Participatiemogelijkheden

Voor inwoners en agrariërs van de Noordoostpolder, Urk en voormalig Lemsterland is het mogelijk om middels obligaties en aandelen te participeren in het deel van het windpark dat in het water staat (Westermeerwind). Klik hier voor meer informatie over participatie.

Uit breed onderzoek in 2013 bleek dat 60% van de geïnteresseerde huishoudens in de Noordoostpolder, Urk en Lemsterland liever investeert op een minder risicovolle manier, namelijk in een obligatie in plaats van een aandeel. Om zoveel mogelijk inwoners en agrariërs de kans te geven deel te nemen in het windpark zal Westermeerwind zowel obligaties als aandelen uitgeven, wat uniek is voor een windpark. Deelneming in het windpark wordt mogelijk via een aandelenfonds en een obligatiefonds.

Deelname in Windpark Westermeerwind zal worden aangeboden begin 2018.

Omgevingsbijdrage

Naast het stimuleren van de lokale economie via financiële participatie en werkgelegenheid, ontvangen de vijf omliggende dorpen Creil, Espel, Nagele, Rutten en Tollebeek ieder voor een periode van 20 jaar een jaarlijks bedrag van €10.000 van het windpark. De dorpen kunnen dit bedrag besteden aan de maatschappelijke ontwikkeling van het dorp.

Voor naaste omwonenden van de Noorder- en Westermeerweg is er een regeling waarbij een gemiddelde jaarlijkse energierekening wordt vergoed.

Bezoekerscentrum 11BEAUFORT in Nagele ontvangt jaarlijks een bedrag via de gemeente dat tegemoet komt in een deel van de exploitatiekosten.

Werkgelegenheid

In de beheerfase zorgt het windpark voor een economische impuls met meer dan 100 arbeidsplaatsen in service, training en onderhoud. Windturbinefabrikanten Enercon (land) en Siemens (water) hebben beide hun serviceorganisaties in de regio gevestigd. Bovendien blijft er ook indirecte werkgelegenheid zoals de rondvaarten langs het windpark, horeca & catering, het team van 11BEAUFORT e.a.

Tijdens de bouw leverde het windpark circa 300 arbeidsplaatsen op en profiteerden lokale ondernemers ook.

Weersomstandigheden

De windturbines van Windpark Noordoostpolder schakelen automatisch uit wanneer zij ijs detecteren.

Hoe harder het waait, hoe meer energie wordt opgewekt. Bij veel wind (vanaf windkracht 6/7) wordt het maximale vermogen opgewekt; 7,5 MW per windturbine op land en 3 MW per turbine in het water. Bij windkracht 10/11 gaan de windturbines in het water uit, de windturbines op land blijven zelfs dan nog elektriciteit produceren.

Verlichting

De huidige topverlichting van de turbines is conform de eisen van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) en de geldende internationale regelgeving omtrent luchtvaartverlichting. De voorschriften voor de luchtvaartverlichting van windturbines zijn terug te voeren tot het Internationaal Verdrag van Chicago voor de burgerluchtvaart (ICAO). Dit verdrag formuleert onder meer technische voorschriften voor obstakelmarkering. Deze voorschriften zijn aanbevelingen die door landen zelf verder ingevuld kunnen worden. Nederland volgt de richtlijnen van het verdrag. ILT is toezichthouder daarop. In ICAO Annex 14 wordt aangegeven dat windturbines die hoger zijn dan 150 m voorzien dienen te zijn van obstakelmarkering in de vorm van lampen: een wit knipperlicht overdag en een rood knipperlicht bij nacht.

Onlangs heeft de inspectie de herziene richtlijnen ten aanzien van verlichting van windturbines en windparken op het Nederlandse vasteland in relatie tot luchtvaartveiligheid gepubliceerd. Met deze publicatie wordt het mogelijk gemaakt de lichtintensiteit van de verlichting op windturbines aan te passen.

Naar aanleiding van deze nieuwe richtlijnen onderzoekt Koepel Windenergie Noordoostpolder wat de mogelijkheden zijn van deze aanpassing; hierbij ook rekening houdend met onverwachte extra voorwaarden aan de golflengte van het licht. De Koepel streeft naar een oplossing die de zichtbaarheid van de verlichting voor de omgeving vermindert, technisch en financieel haalbaar is en tegelijkertijd voldoet aan wet- en regelgeving. Hierover vinden gesprekken plaats met de Inspectie van Leefomgeving en Transport en de overheden.

 

Er worden nu extra voorwaarden gesteld aan de golflengte van het licht zelf. Er dient een infrarood spectrum te worden toegevoegd.

Vastbrandend heeft in beginsel onze voorkeur, maar omdat dit op grond van de nieuwe regels zou betekenen dat alle windturbines, niet alleen op land, maar ook die op het water, van verlichting zouden moeten worden voorzien, is deze mogelijkheid niet wenselijk. In onze optiek vergroot dit juist de zichtbaarheid van de verlichting voor de omgeving.

Het pas ontsteken van de topverlichting bij het naderen van vliegtuigen is niet toegestaan in Nederland.

Natuur- en milieuaspecten

Ja, er gelden normen voor het geluid van windturbines. Windpark Noordoostpolder voldoet aan alle normen voor geluid en zelfs nog wat extra. Er geldt een norm voor geluid die gemiddeld per jaar niet hoger mag zijn dan 47 Lden nabij woningen ten gevolge van het gehele windpark. Dat is dus een gemiddelde. Het kan dus 0 geluid zijn, maar soms ook wat meer. Het absolute geluidsniveau betreft maximaal circa 43-45 dB(A). Dat is niet veel. Als twee mensen tegen elkaar praten, heb je het al over meer dan 70 decibel.

Windturbines kunnen slagschaduw veroorzaken. Voor woningen in de omgeving is het hinderlijk als de schaduw op de gevel van de woning c.q. in woonruimtes valt. Daarom is er landelijke regelgeving, die bewoners tegen dit fenomeen beschermt.

De initiatiefnemers van Windpark Noordoostpolder vinden de landelijke regelgeving te ruim en hebben zelf aan de gemeente verzocht een strengere regel (maatwerkvoorschrift) op te leggen. Dit betekent dat er per woning binnen een bepaalde afstand tot de windturbines op jaarbasis maximaal 6 uur slagschaduw op de gevel mag plaatsvinden.

Om aan deze strenge regel te voldoen, zijn de windturbines voorzien van een slagschaduwstilstandvoorziening. Een sensor op de turbine meet of de zon schijnt. Op vooraf geprogrammeerde tijdstippen, die zijn aangepast aan de stand van de zon, zal de windturbine uitgaan als de zon schijnt. Gedurende de bouwperiode wordt gecheckt of de tijdstippen goed zijn geprogrammeerd. Dit gebeurt in samenwerking met de omwonenden, waarbij de bewoner verzocht wordt een registratie bij te houden.

De trillingen tijdens het draaien van de windturbines zijn verwaarloosbaar klein en hebben derhalve ook geen effect op de dijk.

Tijdens de bouw konden trillingen, ontstaan door het heien, de dijk bereiken. Er is uitgebreid onderzoek gedaan door experts van bureau Fugro naar de aard van de trillingen en de effecten hiervan op de dijk. Uit het onderzoek, dat door zowel het Waterschap Zuiderzeeland als de onafhankelijke Commissie voor de m.e.r. is bekeken, bleek dat er geen risico’s voor de stabiliteit voor de dijk zouden ontstaan.

De wetgeving eist dat de milieueffecten van grote projecten goed in beeld worden gebracht. Dit gebeurt door middel van een milieueffectrapport (MER). Voor Windpark Noordoostpolder is ook een MER opgesteld. Op basis van de informatie in het MER hebben de overheden hun besluiten kunnen nemen over de ruimtelijke inpassing en de noodzakelijke vergunningen.

In een MER wordt een grote hoeveelheid relevante effecten behandeld. Voor Windpark Noordoostpolder zijn dit milieuwinst, economie, natuur en ecologie, veiligheid op land, nautische veiligheid, geluid, slagschaduw, recreatie en toerisme, en visserij.

De overheid laat een MER altijd onderzoeken door de onafhankelijke Commissie voor de m.e.r. Voor het MER van Windpark Noordoostpolder heeft deze commissie geoordeeld dat het MER voldoende milieuinformatie bevat om het milieubelang mee te laten wegen in de besluitvorming.

In het MER en voor de Natuurbeschermingswetvergunning voor Windpark Noordoostpolder is uitvoerig onderzoek gedaan naar de effecten van het windpark op vogels en vleermuizen. Hierbij is getoetst aan de normen voor Natura 2000-gebieden (de strengst mogelijke normen). De komst van Windpark Noordoostpolder brengt geen overschrijding van deze normen met zich mee. De aantallen vogelslachtoffers door windturbines zijn beperkt. Uit onderzoek is bekend dat van elke 10.000 vogels die sterven door menselijk handelen er één sterft door windenergie. Gif, verkeer, hoogspanningsleidingen, huisdieren (katten) etc. kosten veel meer slachtoffers.

Windenergie

www.windenergie.nl: informatie van de overheid (Agentschap NL) over windenergie en gerelateerde regelgeving.

www.nwea.nl: Nederlandse Windenergie Associatie, de belangenbehartiger van windenergie in Nederland.

www.natuurenmilieu.nl: Veel gestelde vragen over wind op land van NGO Natuur & Milieu.

Elk type windturbine moet een certificaat hebben waaruit blijkt dat voldaan wordt aan de internationale ontwerpnorm voor windturbines (IEC 61400-1 norm voor onder meer de veiligheid van de windturbine). Onderdeel van de norm betreft het beoordelen of een windturbine bestand is tegen extreme weersomstandigheden (hoge windsnelheden, windstoten). De windturbines in de Noordoostpolder beschikken over een dergelijk certificaat.

Windturbines bouwen en exploiteren op land en in het water van het IJsselmeer is goedkoper dan windparken op de Noordzee. De overheid stimuleert beide vormen, omdat dit noodzakelijk is om tot een goede duurzame energiemix van verschillende duurzame energiebronnen te komen.

Windenergie is een duurzame energiebron en bespaart aanzienlijke hoeveelheden CO2-uitstoot. Elke MWh elektriciteit uit windenergie bespaart bijna een MWh ten opzichte van met fossiele energie opgewekte elektriciteit.
Bestaande elektriciteitscentrales stemmen hun productie steeds af op de – dagelijks sterk veranderende – elektriciteitsvraag. Grote elektriciteitscentrales (met name moderne gascentrales) hebben ook als ze niet op vol vermogen draaien nog een hoog rendement. Het op- en afregelen leidt niet tot veel extra emissies per elektriciteitshoeveelheid (ton/MWh). Een eventueel rendementsverlies bij elektriciteitscentrales door de inpassing van windenergie staat in geen verhouding tot de door windenergie bespaarde hoeveelheid brandstof en CO2-uitstoot. Zowel door het afregelen als het tijdelijk uitzetten van elektriciteitscentrales bespaart windenergie aanzienlijke hoeveelheden fossiele brandstoffen (kolen, aardgas); en daarmee CO2-uitstoot en brandstofkosten. Met andere woorden: er worden geen centrales achter de hand gehouden om de fluctuerende productie van windenergie op te vangen. Er wordt ook geen extra gewone centrale gebouwd gekoppeld aan de bouw van het Windpark Noordoostpolder.

Dit is per type windturbine verschillend. Voor moderne windturbines geldt in zijn algemeenheid dat ze vanaf windsnelheden van 2-4 m/s (windkracht 2/3 Bft) tot circa 25 m/s (windkracht 10 Bft) elektriciteit produceren.

De elektriciteitsproductie van een windturbine hangt af van de gemiddelde windsnelheid en de efficiëntie van de turbine. Daarnaast neemt de gemiddelde windsnelheid toe met de hoogte (het kan op 100 m hoogte gemiddeld makkelijk anderhalf keer zo hard waaien als op ‘neushoogte’). Nu wisselt de windsnelheid van uur tot uur, en van dag tot dag. Een windturbine draait niet altijd op vol vermogen; vaak maar op een kwart, en bij harde wind (vanaf zo’n 12 m/s) op 100% van zijn maximale (ook wel nominale) vermogen. Om een maat te krijgen voor hoe effectief een windturbine jaargemiddeld draait, wordt de hoeveelheid stroom die een turbine produceert, ook wel uitgedrukt als fractie van wat hij op vol vermogen had kunnen produceren. Deze efficiëntie wordt vaak uitgedrukt in vollasturen. Hoe meer vollasturen een turbine per jaar draait hoe meer de locatie geschikt is voor windenergie. De projecten in de Noordoostpolder combineren de voordelen van een gunstig windregime met de plaatsing van moderne en hoge windturbines zodat per turbine een opbrengst van ca. 3000 vollasturen per jaar wordt verwacht.

Een windturbine heeft een bepaald maximum vermogen. Hoeveel elektriciteit met dat vermogen wordt opgewekt hangt af van de hoeveelheid en kracht van de wind. Door het gebruik van de nieuwste technieken kan er zowel bij lage windsnelheden als bij hoge snelheden elektriciteit worden opgewekt. In combinatie met de windrijke locatie aan de rand van het IJsselmeer kan Windpark Noordoostpolder veel meer duurzame stroom opwekken dan met windturbines die verder het binnenland in staan.

Het energieverbruik dat nodig is voor de productie van windturbines, inclusief grondstoffen, vervoer, plaatsing en ten slotte afbreken wordt gemiddeld binnen 6 maanden ‘terugverdiend’.

Windenergie is omkeerbaar. Wanneer er over 20 jaar iets anders of beters wordt uitgevonden, is het mogelijk te besluiten om na afloop van de technische levensduur van de windturbines een locatie volledig te ontmantelen en terug te brengen in z’n oorspronkelijke staat. Ondanks dat het om grote objecten gaat zijn windturbines makkelijk te verwijderen en volledig recyclebaar.

Subsidie

De kostprijs van windenergie is op dit moment hoger dan de prijs die ervoor wordt betaald op de energiemarkt. De overheid stelt subsidie beschikbaar om dit verschil te overbruggen. Zonder deze subsidie is het niet mogelijk te investeren in windturbines of in andere vormen van duurzame energie. De prijs op de energiemarkt voor elektriciteit ligt tegenwoordig op circa 6-7 eurocent. De kostprijs voor elektriciteit van windturbines ligt hier een paar cent boven. Voor windturbines op land is dit bijvoorbeeld 9,6 eurocent. Een subsidie op basis van de Stimuleringsregeling Duurzame Energie (SDE) vult het verschil aan; voor een maximaal aantal kWh en een periode van maximaal 15 jaar.

Dan verandert ook de subsidie. De subsidie dekt het verschil tussen kostprijs en marktprijs. De productiekosten van elektriciteit uit windenergie veranderen niet. Als de prijs van elektriciteit stijgt dan daalt dus de subsidie per kWh. Het is de verwachting dat de elektriciteitsprijs zal stijgen en daarmee daalt de bijdrage van de overheid.
Omgekeerd geldt ook dat als de energieprijs daalt de subsidie toeneemt. Daarvoor hanteert de overheid een maximum bedrag. Als de elektriciteitsprijs onder een bepaald bedrag daalt, verstrekt de overheid niet meer dan het maximum aan subsidie.

Nee, windenergie op land is op dit moment de goedkoopste vorm van duurzame energie. Voor zonne-energie en andere vormen van duurzame energie moet de overheid veel meer subsidie per kWh beschikbaar stellen om ook deze vormen rendabel te kunnen maken.

Waardeverandering door windturbines

Sinds 2002 zijn hierover verschillende uitspraken gedaan door rechtbanken en gerechtshoven. Een gemeente moet bij het vaststellen van de WOZ analyseren of de (mogelijke) plaatsing van windturbines een waardedrukkend effect heeft. Als het geluid binnen de norm blijft en er geen sprake is van slagschaduw, dan is er geen reden voor een verlaging van de WOZ. Ook moet de gemeente analyseren of er sprake is van visuele hinder en of dit reden is voor verlaging van de WOZ. Dit kan aan de hand van de waarde van vergelijkbare woningen, waarbij ook een windmolen in de nabije omgeving staat.
Kortom: een gemeente moet haar WOZ-taxatie voor woningen in de buurt van (nog te plaatsen) windturbines goed onderbouwen.
Meer informatie WOZ-waarde en windturbines: “Vergelijk! Een analyse van jurisprudentie over WOZ-waarde in relatie tot objecten in de nabijheid van windturbines” (www.windenergie.nl).

In de Wet op de ruimtelijke ordening is bepaald, dat als iemand schade lijdt of zal lijden als gevolg van bijvoorbeeld een wijziging van het bestemmingsplan of een vrijstelling van het bestemmingsplan, hij/zij een verzoek om vergoeding van planschade kan indienen bij de gemeente. De wet en de rechtspraak stellen een aantal voorwaarden aan een planschadeverzoek:

  • de indiener van het verzoek moet belanghebbende (eigenaar/gebruiker) zijn;
  • de wijziging van het bestemmingsplan of de verleende vrijstelling van het bestemmingsplan moet onherroepelijk zijn –> Dit is het geval als er geen bezwaar en/of beroep is ingediend of alsde hoogste rechter heeft beslist dat een ingediend beroep ongegrond is;
  • het verzoek moet binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van het wijzigings-/vrijstellingsbesluit worden ingediend;
  • de wijziging van het bestemmingsplan of de verleende vrijsteling moet per saldo nadelig zijn voor de belanghebbende –> een wijziging kan zowel negatieve als positieve gevolgen hebben, het gaat dan om het saldo;
  • er moet sprake zijn van een waardevermindering van de woning of (in geval van een bedrijf) een geringer bedrijfsresultaat;
  • de schade moet niet geheel of gedeeltelijk redelijkerwijs ten laste van de belanghebbende komen –> Uit rechtspraak blijkt dat als de belanghebbende bij de aankoop van zijn woning reeds kon weten dat er een wijziging van het bestemmingsplan zou komen, hij geen recht heeft op schadevergoeding;
  • de belanghebbende is niet op andere wijze gecompenseerd voor zijn schade –> bijvoorbeeld door een vergoeding in geld of in natura of bijvoorbeeld een aandeel in het project.

Meer informatie over planschade door windturbines? (Rapport “Planschade door windturbines?”).

Koepel Windenergie Noordoostpolder

Koepel Windenergie Noordoostpolder behartigt de belangen van de drie projectpartners (NOP Agrowind, Westermeerwind en RWE) op het gebied van gezamenlijke vraagstukken zoals de milieueffectrapportage en de vergunningsaanvragen ten tijde van de ontwikkeling van het windpark.